Befrijdings Festival Fryslân

2010 lustrum

65 jaar vrijheid

In dit lustrumjaar vieren we dat we 65 jaar geleden zijn bevrijd! We herdenken tevens de opofferingen die daarvoor tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn gebracht. Een goed moment om ons af te vragen hoe de vlag van de vrijheid erbij hangt. Wat is er nodig om vrijheid wereldwijd dichterbij te brengen?

Naast vrijheid is er wereldwijd helaas nog steeds veel oorlog en onderdrukking. Maar ook in ons eigen land is vrijheid vaak minder vanzelfsprekend dan het lijkt. Velen voelen zich onzeker. Zij hebben het gevoel dat ze niet of nauwelijks grip hebben op de wereld om hen heen. Niet op de bureaucratie die ze als verstikkend ervaren, niet op de politiek waar ze vaak weinig vertrouwen in hebben en al helemaal niet op de grillen van de economie en het bedrijfsleven. Alle reden dus om onze vrijheid nog eens grondig te doordenken. Wat is er nodig om vrijheid wereldwijd en in eigen land daadwerkelijk dichterbij te brengen?

Om daarover een discussie op gang te brengen, kiest het Nationaal Comité 4 en 5 mei voor het jaarthema 2010 een andere vorm dan voorgaande jaren. In plaats van zelf op zoek te gaan naar antwoorden, vraagt het Nationaal Comité mensen in het land hun voorwaarden voor vrijheid te formuleren. Voorwaarden voor vrijheid waar iedereen op deze wereld recht op heeft. De uitdaging is hierbij niet te zoeken naar individuele vrijheden, maar naar universele randvoorwaarden waarbinnen mensen wereldwijd hun eigen vrijheid kunnen vormgeven. Hiermee wordt een basis gelegd voor het thema vrijheid wereldwijd voor de komende vijf jaar.

Bekende en minder bekende mensen hebben in het verleden al hun voorwaarden voor vrijheid verwoord. Nelson Mandela, Marthin Luther King, Mahatma Ghandi en Rosa Parks hebben krachtig hunvoorwaarden voor vrijheid geformuleerd. Op 6 januari 1941 verwoordde ook de toenmalige president van de Verenigde Staten Franklin D. Roosevelt zíjn vier voorwaarden (Four Freedoms) voor vrijheid wereldwijd. Volgens Roosevelt moest ieder individu in deze wereld vrij zijn van angst en gebrek aan voedsel, een dak boven het hoofd hebben, en vrijheid van meningsuiting en godsdienst hebben.

De betekenissen van Roosevelts vier vrijheden veranderen natuurlijk met de tijd. Ook nu moet aan de eerste levensbehoeften als water, voedsel en onderdak worden voldaan. En nog steeds kan vrijheid niet bestaan in een situatie van geweld en conflict of oorlog. De discussie over vrijheid van meningsuiting en vrijheid van godsdienst  had in 1941 een  ander karakter dan de discussie die we hierover nu voeren. Kunnen we de vrijheden wsaarvan we vinden dat iedereen er recht op heeft benoemen? En zo ja, wie is er verantwoordelijk voor deze vrijheden